De periode 1780-1815

De politieke situatie in deze periode was zeer onrustig. Een regentenklasse had de macht in handen en woonde in kapitale buitenhuizen aan bijvoorbeeld de Vecht. Intussen verarmde de Nederlandse bevolking. De gewone mensen hoopten aanvankelijk dat de bestuurders rond de in 1751 aangetreden kind-stadhouder Willem V (1748-1806) meer vrijheid zouden brengen. Dezen bleken echter niet van plan de bestaande toestand te veranderen. In Europa was er over het algemeen weinig vrijheid en als reactie daarop ontstond vooral in Frankrijk een groep verlichte denkers, die filosofeerde over hoe de situatie waarin de verarmde bevolking verkeerde verbeterd kon worden. Deze stroming aan het einde van de achttiende eeuw wordt dan ook de Verlichting genoemd. In Nederland was het de Patriottenbeweging die de verlichtingsidealen nastreefde. Tegenover hen stonden de Orangisten of ‘Oranjeklanten’, die Willem V en de regenten juist meer macht wilden geven.

In het jaar 1787 liepen de binnenlandse problemen uit de hand. De patriotten wilden meer invloed en dreigden met revolutie. Willem V voelde zich in Den Haag niet meer veilig en vertrok naar Nijmegen. Zijn vrouw, prinses Wilhelmina, wilde zijn plaats innemen, maar werd onderweg naar Den Haag bij het vroegere gehucht Goejanverwellesluis bij Gouda tegengehouden.
Ten slotte, en het meest een stempel op de tijd drukkend, werd ons land in 1795 door de Fransen bezet. Nederland werd eerst een vazalstaat (de Bataafse tijd van1795 tot 1806), daarna het Koninkrijk Holland (1806-1810) onder Lodewijk Napoleon, de broer van Napoleon, en uiteindelijk werd het ingelijfd bij het Franse Keizerrijk (1810-1813). In de winter van 1812 leed Napoleon een grote nederlaag tijdens zijn Russische veldtocht. De restanten van zijn reusachtige leger trokken terug over de rivier de Berezina, geholpen door Nederlandse bruggenbouwers (pontonniers).
In 1813 landde Prins Willem I op de kust van Scheveningen als soeverein vorst van het Vorstendom der Nederlanden.

In 1815 werd Napoleon definitief verslagen (Slag bij Waterloo) en vormden Nederland en België tezamen het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden onder leiding van Koning Willem I.